Ik had het goed voor elkaar. En toch klopte er iets niet.

Ik had het goed voor elkaar. En toch klopte er iets niet.

Ik ging niet met tegenzin naar mijn werk. Dat is het eerlijke verhaal.

Ik had leuke collega’s, een vast contract, een mooi salaris. Kon twee keer per jaar op vakantie. Was opgeleid en ervaren in wat ik deed. En toch. Er was iets dat al jaren zachtjes knaagde, zonder dat ik er een woord voor had.

De gouden kooi

Dat is precies wat het zo lastig maakt. Als alles aan de buitenkant klopt, is het moeilijk om te benoemen wat er van binnen niet klopt. Ik had het goed voor elkaar. Ik mocht niet klagen. En dus klaagde ik niet, ook niet tegen mezelf.

Maar ondertussen was ik al jaren zoekende. Ik dacht dat doorgroeien de oplossing was, want meer en hoger is beter, toch? Ik probeerde mezelf opnieuw te positioneren binnen de organisatie, een managementfunctie, een volgende stap. Dat proces kostte me meer dan ik had verwacht. Mijn eigen verwoede pogingen om te bewijzen dat ik het kon, het harde werken, de kansen die ik wel kreeg, het pijnlijke besef dat het toch niet bij me paste, en de jaren die ik nodig had om daarvan bij te komen.

Tegelijk voelde ik me steeds minder thuis in de richting die de organisatie opging. Ik kon me niet vinden in bepaalde keuzes, miste de steun die ik nodig had, en stond voor projecten die me leegzogen omdat er geen beweging in kwam. Het voelde als trekken aan dode paarden, in mijn eentje, terwijl de rest andere prioriteiten had.

Op een gegeven moment stopte ik. Figuurlijk gooide ik een aantal projecten uit het raam. Een wijze collega had gezegd: als het te veel energie kost, is het niet het juiste moment. Maar eerlijk gezegd had ik op dat punt al lang te veel energie besteed en anderen eerder tegen dan met me mee gekregen.

Hoe dicht bij de rand ik zat

Collega’s waarschuwden me voor een burn-out. Misschien zat ik er al wel in. Ik weet het nog goed: huilend op het werk, en me tegelijk afvragen waarom ik eigenlijk huilde. Dat is geen teken van zwakte, maar wel een signaal. Een signaal dat ik te lang had genegeerd. Of gewoon niet wist wat ik er mee moest.

Want wat het nog ingewikkelder maakte: ik had geen idee wat ik dan wél wilde. Ik was opgeleid en ervaren in wat ik deed. Dat voelde als zekerheid, maar ook als een kooi. Stap je eruit, dan geef je iets op waar je jaren in hebt geïnvesteerd. En wat dan? De wereld is groot en eng buiten de beschermende kooi.

Een andere wijze collega zei het op een dag terloops: “Ik zing mijn tijd wel uit, maar jullie moeten nog wel even.” Ik ging rekenen. En zag dat ik op de helft van mijn loopbaan stond. Ging ik dit volhouden tot mijn pensioen? Nee. Dat was duidelijk. Maar wat dan?

Wat ik had gewild

Terugkijkend denk ik weleens: had ik eerder aan mezelf gewerkt, eerder stilgestaan bij wat me energie gaf en wat niet, dan had ik die signalen sneller herkend. Niet pas op het moment dat het bijna te laat was.

Duurzame inzetbaarheid is geen onderwerp voor als je uitgeblust bent. Het is iets om aan te werken terwijl het vuur nog brandt, juist dan. Jezelf blijven ontwikkelen, nieuwsgierig blijven, af en toe stilstaan bij de vraag of wat je doet nog past bij wie je bent. Niet omdat er iets mis is, maar omdat werk en mens meegroeien, en het de moeite waard is om die twee bij elkaar te houden. Bovendien verandert de wereld tegenwoordig snel. Meebewegen en bijsturen is essentieel.

Dat had ik eerder mogen doen. Niet als redmiddel, maar als onderhoud.

Het roer om

Uiteindelijk heb ik de stap gezet. Niet in één keer, niet zonder twijfels. Gesprekken gevoerd met mensen die ik vertrouwde; collega’s, vriendinnen en familie. De vraag gesteld die ik nu zo vaak teruggeef aan mijn coachees: wat zie jij mij doen? Elk gesprek gaf nieuwe inzichten. Niet altijd waar ik van te voren op hoopte, maar altijd waardevol. Ik ben nieuwe opleidingen gaan volgen. En heb uiteindelijk mijn eigen coachpraktijk opgericht.

En nu doe ik wat ik vroeger als leidinggevende het allerleukst vond: mensen helpen om richting te bepalen en bewuste keuzes te maken in hun werk en loopbaan. Die rugzak van 25 jaar in het commerciële bedrijfsleven gebruik ik elke dag. Niet zoals toen met assortimentsplannen, productcalculaties of presentaties, maar omdat ik weet hoe het voelt van binnenuit. De druk, de twijfel, het moment waarop je beseft dat je al een tijdje niet meer op je plek zit, maar dat nog niet hardop durft te zeggen.

Ik heb geen seconde spijt gehad. Wel de wens dat ik eerder in beweging was gekomen en met een professional was gaan praten. Dan was het makkelijker, efficiënter en sneller gegaan.

Waarom ik dit vertel

Omdat ik in mijn intakes steeds vaker hoor: “Ik heb het eigenlijk goed voor elkaar. Ik mag niet klagen.” En dat terwijl de persoon tegenover me uitgeput is, al jaren piekert, of stiekem weet dat dit niet is wat ze de komende twintig jaar wil doen.

Je hoeft het niet slecht te hebben om te mogen zoeken naar iets wat beter past. Je hoeft niet uitgevallen te zijn om te mogen nadenken over je loopbaan. Herkenning is vaak het begin. Het besef dat je niet de enige bent, dat het niet vanzelf beter wordt, dat er een weg is, én dat je er niet alleen voor hoeft te staan.

Als je je herkent in dit verhaal, ben ik benieuwd wat er bij jou speelt. Een kennismaking is altijd vrijblijvend.

Marijne van der Koogh, WerkEnergieCoach • Loopbaancoach • Coach Duurzame Inzetbaarheid | Complementary | regio Haarlem, Hoofddorp en Leiden.

Meer blogs

Ik had het goed voor elkaar. En toch klopte er iets niet.

Ik had het goed voor elkaar. En toch klopte er iets niet.

Een 2e spoortraject raakt vaak meer dan alleen werk. Onder de oppervlakte spelen wantrouwen en identiteitsverlies een grote rol. In deze blog lees je waarom juist die diepere laag bepalend is voor duurzame beweging – en wat dat vraagt van werkgevers én begeleiding.

2e spoor: wantrouwen en identiteitsverlies

Een 2e spoortraject raakt vaak meer dan alleen werk. Onder de oppervlakte spelen wantrouwen en identiteitsverlies een grote rol. In deze blog lees je waarom juist die diepere laag bepalend is voor duurzame beweging – en wat dat vraagt van werkgevers én begeleiding.